BIJSLUITER

spot-on solution voor honden


1. NAAM EN ADRES VAN DE HOUDER VAN DE VERGUNNING VOOR HET IN DE
HANDEL BRENGEN EN DE FABRIKANT VERANTWOORDELIJK VOOR VRIJGIFTE,
INDIEN VERSCHILLEND
Houder van de vergunning voor het in de handel brengen:
Bayer B.V.
Animal Health Division
Energieweg 1
NL-3641 RT Mijdrecht


Fabrikant verantwoordelijk voor vrijgifte:
KVP Pharma + Veterinär Produkte GmbH
Projensdorfer Str. 324, D-24106 Kiel
Duitsland


2. BENAMING VAN HET DIERGENEESMIDDEL


Advantix® 40/200 spot-on solution voor honden
Advantix® 100/500 spot-on solution voor honden
Advantix® 250/1250 spot-on solution voor honden
Advantix® 400/2000 spot-on solution voor honden


3. GEHALTE AAN WERKZAME EN OVERIGE BESTANDDELEN


Per ml:


Werkzame bestanddelen:
Imidacloprid: 100 mg
Permethrine: 500 mg

Hulpstoffen:
Butylhydroxytolueen (E321): 1,0 mg


Elke pipet bevat:

  Pipet Imidacloprid Permethrine E312
Advantix® 40/200 spot-on soluition voor honden  0,4ml  40mg  200mg  0.4mg
Advantix® 100/500 spot-on solution voor honden   1,0ml  100mg  500mg  1,0mg
AdvantiX® 250/2000 spot-on solution voor honden   2,5ml  250mg  1250mg 2,5mg 
 Advantix® 400/2000 spot-on solution voor honden  4,0ml  400mg 2000mg   4,0mg

Voor honden > 40 kg dient de geschikte combinatie van pipetten gebruikt te worden.

4. INDICATIES


Voor de behandelingen de preventie van een vlooieninfestatie (C. canis, C. felis) en voor de
behandeling van bijtende luizen (Trichodectes canis) bij honden.


BD/2012/REG NL 106415/zaak 213715 


Op de hond aanwezige vlooien worden gedood binnen één dag na de behandeling. Een éénmalige behandeling voorkomt verdere vlooieninfestatie gedurende vier weken. Het diergeneesmiddel kan gebruikt worden als onderdeel van een behandelingsstrategie tegen vlooienallergiedermatitis (VAD).


Het diergeneesmiddel heeft een persisterende acaricide en afwerende doeltreffendheid tegen infestaties door teken (R. sanguineus en I. ricinus gedurende vier weken en D. reticulatus gedurende drie weken).


Het kan gebeuren dat teken die al op de hond zaten binnen twee dagen na behandeling niet gedood worden en vastgehecht en zichtbaar blijven. Daarom wordt aanbevolen om teken, die al op de hond zitten op het ogenblik van de behandeling, te verwijderen om hen zo te beletten zich vast te hechten en een bloedmaaltijd te nemen.


Eén behandeling biedt een afwerende (anti-voedende) werking tegen zandvliegen (P. papatasi gedurende twee weken en P. perniciosus gedurende drie weken), tegen muggen (A. aegypti gedurende twee weken en C. pipiens gedurende vier weken) en tegen stalvliegen (S. calcitrans) gedurende vier weken.

Zandvliegen P. perniciosus 3 weken
  P. papatasi 2 weken
Muggen A. aegypti 2 weken
  C. pipiens 4 weken
Stalvliegen S.calcitrans 4 weken


5. CONTRA-INDICATIE(S)


In afwezigheid van beschikbare gegevens dient het diergeneesmiddel niet te worden gebruikt bij pups van minder dan 7 weken of 1,5 kg lichaamsgewicht. Naargelang het lichaamsgewicht van de hond dient het corresponderende Advantix® product gebruikt te worden, zie doseringsschema.                                                                                                          Niet gebruiken bij overgevoeligheid voor de werkzame bestanddelen of één van de hulpstoffen.
Niet gebruiken bij katten.


6. BIJWERKINGEN


In zeer zeldzame gevallen kunnen bij de hond reacties optreden zoals voorbijgaande huidovergevoeligheid (toename van lokale jeuk, krabben, wrijven, haarverlies en roodheid op detoedieningsplaats) of lusteloosheid, die doorgaans vanzelf verdwijnen.


In zeer zeldzame gevallen kunnen honden gedragsveranderingen (agitatie, rusteloosheid, gejank of gerol), gastro-intestinale symptomen (braken, diarree, hypersalivatie, verminderde eetlust) en neurologische verschijnselen vertonen, zoals onregelmatige bewegingen en spiertrillingen bij honden die gevoelig zijn voor het bestanddeel permethrine. Deze verschijnselen zijn over het algemeen van voorbijgaande aard enverdwijnen doorgaans vanzelf.


Vergiftiging door ongewilde orale opname door honden is onwaarschijnlijk, maar zou in zeer zeldzamegevallen kunnen voorkomen. In dit geval kunnen neurologische verschijnselen zoals trillen enlusteloosheid optreden. De behandeling dient symptomatisch te zijn. Er is geen specifiek tegengif bekend.Indien u ernstige bijwerkingen of andersoortige reacties vaststelt die niet in deze bijsluiter wordenvermeld, wordt u verzocht uw dierenarts hiervan in kennis te stellen.


7. DIERSOORT(EN) WAARVOOR HET DIERGENEESMIDDEL BESTEMD IS
Hond


8. DOSERING VOOR ELKE DOELDIERSOORT, WIJZE VAN GEBRUIK EN
TOEDIENINGSWEG(EN)
De aanbevolen minimale dosis is:
10 mg/kg lichaamsgewicht (LG) imidacloprid en 50 mg/kg lichaamsgewicht (LG) permethrine.


Doseringsschema:

Honden

(kg LG)

Merknaam

Volume

(ml)

Imidacloprid

(mg/kg LG)

Permethrine

(mg/Kg LG)

tot 4kg Advantix® 40/200 spot-on solution voor honden 0,4 ml minimaal 10 minimaal 50
van 4 tot 10 kg Advantix® 100/500 spot-on solution voor honden 1,0 ml 10-25 50-125
van 10 tot 25 kg Advantix® 250/1250 spot-on solution voor honden 2.5ml 10-25 50-125
van 25 tot 40 kg Advantix® 400/2000 spot-on solution voor honden 4,0ml 10-16 50-80


Voor honden > 40 kg dient de geschikte combinatie van pipetten gebruikt te worden.


Om herinfestatie door het opduiken van nieuwe vlooien te verminderen wordt aanbevolen om alle honden in het huishouden te behandelen. Andere dieren die in hetzelfde huishouden leven, zouden ookmet een geschikt diergeneesmiddel behandeld moeten worden.
Om verder te helpen bij het verminderen van de belasting vanuit de omgeving wordt het bijkomend gebruik van een geschikte omgevingsbehandeling tegen volwassen vlooien en hun ontwikkelingsstadia aanbevolen.


Het diergeneesmiddel blijft doeltreffend als het dier nat wordt. Echter, langdurige intensieve
blootstelling aan water dient vermeden te worden. In gevallen van frequente blootstelling aan water zou de persisterende doeltreffendheid verminderd kunnen worden. In die gevallen niet vaker herbehandelen dan eenmaal per week. Als de hond een wasbeurtbeurt nodig heeft, zou dit beter voor de behandeling met het diergeneesmiddel plaatsvinden of tenminste twee weken na toediening, om de doeltreffendheid van het diergeneesmiddel optimaal te houden.


Bij infestatie met bijtende luizen, wordt controle door de dierenarts 30 dagen na de behandeling aanbevolen, omdat bij sommige dieren een tweede behandeling nodig kan zijn.


Wijze van toediening


Neem een pipet uit de verpakking. Houd de pipet rechtop, draai en verwijder het dopje. Het dopje er omgekeerd weer opsteken, draaien om het zegel te verbreken en het dopje opnieuw verwijderen.

Voor honden tot 10 kg lichaamsgewicht:                                                                      Terwijl de hond stilstaat de haren tussen de schouderbladen uit elkaar drukken totdat de huid zichtbaar wordt. Plaats de open zijde van de pipet op de huid en knijp de pipet enkele malen stevig samen om de inhoud direct op de huid te ledigen. 

       

[Pictogram in zwart-witversie in gedrukte bijsluiter]                                                



BD/2012/REG NL 106415/zaak 213715 


Voor honden van meer dan 10 kg lichaamsgewicht:
Terwijl de hond stilstaat de gehele inhoud van de Advantix® pipet gelijkmatig op vier plaatsen op de rug van schouder tot staartbasis aanbrengen. Op elke plek de haren uit elkaar drukken totdat de huid zichtbaar wordt. Plaats de open zijde van de pipet op de huid en knijp zachtjes om een gedeelte van de inhoud direct op de huid te druppelen.


[Pictogram in zwart-witversie in gedrukte bijsluiter]


9. AANWIJZINGEN VOOR EEN JUISTE TOEDIENING                                         

Uitsluitend voor uitwendig gebruik.
Uitsluitend aanbrengen op onbeschadigde huid.Breng niet teveel op één enkele plaats aan; anders kan een deel van de oplossing van de zijde van de hond aflopen.


10. WACHTTERMIJN


Niet van toepassing.


11. SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ BEWAREN


Buiten het zicht en bereik van kinderen bewaren.
Niet invriezen.
Na het openen van het aluminium zakje: op een droge plaats bij een temperatuur niet boven 30°C bewaren.
Gebruiken binnen 24 maanden na opening van het aluminium zakje of vóór EXP, het kortste van de twee.


Niet gebruiken na de vervaldatum vermeld na EXP op de pipet, het aluminium zakje of de doos.


12. SPECIALE WAARSCHUWINGEN
Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren


Men dient erop toe te zien dat de inhoud van de pipet niet in contact komt met de ogen of muil van de te behandelen honden.


Men dient erop toe te zien dat het diergeneesmiddel correct wordt toegediend, zoals beschreven onder Wijze van toediening.


BD/2012/REG NL 106415/zaak 213715 


In het bijzonder dient orale opname door het likken aan de toedieningsplaats door behandelde honden of door dieren die in ermee in contact komen, vermeden te worden.


Niet gebruiken bij katten.


Dit diergeneesmiddel is extreem giftig voor katten en zou fataal kunnen zijn vanwege de specifieke fysiologie van katten, die sommige verbindingen zoals permethrine niet kan afbreken. Houd behandelde honden verwijderd van katten totdat de toedieningsplaats droog is, om te voorkomen dat katten per ongeluk worden blootgesteld aan dit diergeneesmiddel. Het is belangrijk te verzekeren dat katten niet likken aan de toedieningsplaats van een hond die met dit diergeneesmiddel is behandeld. Zoek onmiddellijk diergenees-kundig advies indien dit gebeurt.

Raadpleeg uw dierenarts vooraleer het diergeneesmiddel te gebruiken bij zieke en verzwakte honden.


Behandelde honden mogen onder geen enkele omstandigheid toegelaten worden tot oppervlaktewater gedurende tenminste 48 uur na behandeling, aangezien het diergeneesmiddel schadelijk is voor aquatische organismen.


Speciale voorzorgsmaatregelen, te nemen door degene die het geneesmiddel aan de dieren toedient


Contact van het diergeneesmiddel met de huid, ogen of mond vermijden.
Niet eten, drinken of roken tijdens de toediening.
Na gebruik de handen grondig wassen.
In geval van accidenteel morsen op de huid, onmiddellijk met water en zeep wassen.
Personen met bekende huidovergevoeligheid kunnen bijzonder gevoelig zijn voor dit diergeneesmiddel.De belangrijkste klinische symptomen die in extreem zeldzame gevallen zouden kunnen voorkomen, zijnsensorische huidirritaties van voorbijgaande aard, zoals tintelingen, branderig gevoel of gevoelloosheid. Indien het diergeneesmiddel accidenteel in de ogen terechtkomt, overvloedig spoelen met water. Indien huid- of oogirritatie aanhoudt of indien het diergeneesmiddel accidenteel wordt ingeslikt, onmiddellijkeen arts raadplegen en de bijsluiter tonen.
Behandelde honden dienen niet te worden gehanteerd door kinderen in het bijzonder totdat de
toedieningsplaats droog is. Dit zou verzekerd kunnen worden door de dieren bvb. ’s avonds te
behandelen. Recent behandelde honden dienen niet teslapen met de eigenaars, in het bijzonder met kinderen.


13. SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HET VERWIJDEREN VAN NIETGEBRUIKTE DIERGENEESMIDDELEN OF EVENTUELE RESTANTEN HIERVAN


Na gebruik het dopje terug plaatsen op de pipet.
Ongebruikt diergeneesmiddel of restanten hiervan dienen in overeenstemming met de nationale vereistente worden verwijderd.


14. DE DATUM WAAROP DE BIJSLUITER VOOR HET LAATST IS HERZIEN
15. OVERIGE INFORMATIE

Wij maken gebruik van cookies om onze website te verbeteren, om het verkeer op de website te analyseren, om de website naar behoren te laten werken en voor de koppeling met social media. Door op Ja te klikken, geef je toestemming voor het plaatsen van alle cookies zoals omschreven in onze privacy- en cookieverklaring.